Natuurmonumenten moet visrecht van palingvissers respecteren, oordeelt Raad van State

Tegenstrijdig

“Bedreigde status paling geen reden om visserij in natuurgebieden te verbieden”, kopte Natuurmonumenten in haar persbericht op 26 juni 2019. Natuurmonumenten probeert al een aantal jaar om de palingvisserij in haar natuurgebieden te beëindigen. Het klinkt op het eerste gezicht ook nogal tegenstrijdig dat een natuurbeschermings-organisatie de bedreigde paling niet mag beschermen in haar eigen natuurgebieden?

Geen reuzenpanda

Want wordt de paling nou wel of niet met uitsterven bedreigd? De meningen zijn nogal verdeeld: palingvissers zeggen van niet, ecologen zeggen van wel. Zeldzaam als de reuzenpanda is de paling zeker niet, ook al staan panda en paling op dezelfde CITES-lijst met bedreigde diersoorten. In het wild zijn er volgens recente tellingen 1.864 panda’s. Ter vergelijking: in 2017 werden alleen al in Nederland zo’n 440.000 palingen aan wal gebracht.

Maar het is wel een feit dat de palingvangsten overal in Europa enorm zijn gedaald tot naar schatting gemiddeld 10% van wat er in de jaren ’50 werd gevangen (de laatste jaren stijgen de vangsten weer enigszins). Ook de jaarlijkse intrek van glasaal is nog maar een fractie van wat oudere mensen zich kunnen herinneren. Er zijn dus zeker veel minder palingen dan zestig jaar geleden.

Er moest dus iets gebeuren. Kern van het nationale Aalherstelplan uit 2009 is dat minimaal 40% van de schieraal (de volwassen vrouwtjes) de Noordzee moet bereiken, de overige 60% procent is voor de palingvissers. Daarbij wordt uitgegaan van ‘een normaal palingjaar’ en dan begint meteen de verwarring: wat is een normaal palingjaar en hoeveel schieraal mag er dan worden gevangen? Ook weet niemand hoeveel schieralen met succes uittrekken naar zee en daarom kan niet objectief worden vastgesteld of het doel van 40% uittrek wordt bereikt of niet.

Ingewikkeld

Natuurbescherming van de paling is wel ingewikkelder dan het lijkt. Om te beginnen paait de paling niet in zijn eigen leefgebied, zoals bijv. De Wieden, maar 5000 km hier vandaan in de Sargassozee. Dat is een uitgestrekt gebied in de Atlantische oceaan ten oosten van de beruchte ‘Bermuda driehoek’, waar alle geslachtsrijpe palingen uit heel Europa en Amerika naartoe trekken. De oude palingen sterven en de palinglarven die uit de bevruchte eitjes worden geboren, gaan met de golfstroom mee naar West-Europa. Langs de hele Europese kust van Portugal tot aan Denemarken en Zweden proberen glasaaltjes het zoete water te bereiken.

Dat maakt aalherstel ingewikkelder dan bij de meeste andere vissoorten. Want waar een glasaaltje precies terecht komt, hangt af van de stroming, het getij en de wind. Het is dus niet zo dat de kleine glasaaltjes terugkeren naar het leefgebied van hun ouders. Sterker nog: hun palingouders kwamen waarschijnlijk uit twee heel verschillende leefgebieden. En zelfs als werkelijk 40% van de schieralen uit Nederland naar zee zou ontsnappen, komt het grootste deel van hun nakomelingen toch niet in Nederland terecht. Het effect van een lokale maatregel is daarom niet het volgende jaar al merkbaar.

Ook menselijke barrières zoals dammen, sluizen en gemalen zijn trouwens een enorme hindernis voor glasaaltjes. Veel gebieden die geschikt zijn als leefgebied voor paling zijn moeilijk te bereiken. Glasaaltjes die niet op tijd in het zoete water terecht komen om te veranderen in jonge paling, gaan dood.

Uitzetten van glasaal (foto: Vissersbond)
Glasaal wordt uitgezet op het Markermeer (foto: Vissersbond)

Visvangst of viskweek?

Beroepsvissers omzeilen al sinds jaar-en-dag het probleem dat (te) weinig glasaaltjes hun visgebied kunnen bereiken, door grote hoeveelheden glasaal in te kopen in Frankrijk. Die glasaaltjes groeien dan in ca. 7-10 jaar uit tot grote palingen, die de beroepsvissers ‘oogsten’ op het moment dat ze geslachtsrijp worden en naar zee trekken.

De beroepsvissers beweren dat het wegvangen van een deel van de glasaaltjes in Bretagne niet direct leidt tot minder paling in Frankrijk zelf. De redenering is dat de hoeveelheid natuurlijk voedsel niet voldoende is voor alle palinkjes en dat het surplus ‘toch maar dood zou gaan’. Daarnaast verdwijnen er 350 miljoen glasaaltjes illegaal naar Azië, véél meer dan de 200 miljoen die legaal worden opgevist. Vergeleken bij die aantallen maken die 50.000 glasaaltjes voor De Wieden ook weinig uit.

“De palingvissers gebruiken het natuurgebied als kweekvijver“, klaagde de woordvoerder van Natuurmonumenten in de Volkskrant. ‘Ranching’ heet dat, net zoals bij vleeskoeien in Texas die het hele jaar buiten lopen zonder bijvoedering. Ranching is eigenlijk een hele eenvoudige vorm van viskweek, waarbij de eigenaar van de vis niet de eigenaar is van het water waarin de vis opgroeit.

Uitspraak Raad van State

Terug naar De Wieden, waarvan Natuurmonumenten 3000 ha beheert als natuurgebied. En er zijn drie beroepsvissers die het water in De Wieden pachten voor de vangst op paling (‘aalvisrecht’). Zij kopen legaal glasaaltjes uit Bretagne en zetten die legaal uit in De Wieden. Verder houden de vissers zich ook aan het gesloten seizoen voor de palingvisserij. Ter bescherming van de beroepsvissers is in de Visserijwet bepaald dat in principe de pacht elke zes jaar moet worden verlengd en alleen op vrijwillige basis kan worden beëindigd.

  1. De Kamer voor de Binnenvisserij stelde dat de visstand in de Wieden in de afgelopen jaren zeker niet slechter is geworden en dus moet het aalvisrecht gewoon worden verlengd. De Raad van State heeft geoordeeld dat de palingstand in Nederland in de laatste jaren niet is gedaald en dat de voortzetting van de palingvisserij in de Wieden de visstand zal aantasten.
  2. Natuurmonumenten beriep zich op het Europees vastgelegde recht op eigendom en dat zij daarom als eigenaar van De Wieden niet gedwongen kunnen worden om mee te werken aan het verlengen van het aalvisrecht. De Raad van State vond de aantasting van het eigendom van Natuurmonumenten echter niet groot en daarom aanvaardbaar.
  3. Natuurmonumenten stelde ook dat de palingvisserij in De Wieden bijdraagt aan de slechte situatie voor palingen wereldwijd, want bij de import van glasaal uit Bretagne zouden veel glasaaltjes sterven. Volgens de Raad van State is die hoge sterfte door Natuurmonumenten niet aannemelijk gemaakt.

De Raad van State heeft slechts getoetst of er argumenten zijn om de reguliere verlenging van het aalvisrecht in natuurgebieden te beëindigen. Wat de Raad van State niet heeft gedaan, is een uitspraak doen over de bedreigde status van de aal of over de vraag of sportvissers weer paling mee naar huis mogen nemen. Die discussie zal nog wel even voortduren!

Fuiken hangen te drogen (foto: Instagram)

 Samenwerking enige optie

Tja, hoe nu verder voor Natuurmonumenten? De juridische aanpak heeft geen resultaat gehad. En zolang de Visserijwet niet wordt veranderd, zit er voor Natuurmonumenten dus weinig anders op om samen te werken met de palingvissers om samen de palingstand te verbeteren. Zo kan Natuurmonumenten bijvoorbeeld de palingvissers ecologisch onderzoek laten uitvoeren naar glasaal en paling in De Wieden. Als tegenprestatie zouden de palingvissers dan bijv. minder fuiken kunnen plaatsen.

En zo lang glasaaltjes niet in grote aantallen op eigen kracht De Wieden kunnen bereiken, blijft het nodig om glasaaltjes uit Bretagne te halen – anders zou de paling uitsterven in De Wieden. Zo geredeneerd ‘helpen’ de beroepsvissers de paling juist. Tenminste, als ook wordt voldaan aan de regel in het Aalherstelplan dat 40% van de schieraal naar zee ontsnapt. Daar kan Natuurmonumenten de beroepsvissers natuurlijk wèl op aanspreken.

Wat moet er gebeuren?

De uitspraak van de Raad van State laat onverlet dat de aantallen paling in Europa historisch laag zijn. Er ligt ook een opgave vanuit de EU om de palingstand te verbeteren. En iedereen weet ook wel wat er moet gebeuren, maar het vereist politieke wil en lokaal doorpakken. Dit zijn de drie belangrijkste aanbevelingen voor aalherstel:

  1. Het generieke doel van uittrek van 40% schieraal moet worden vertaald in concrete quota (kg) per visserijregio. Of bijv. afspreken dat 40% van alle gevangen schieraal ook wordt losgelaten in de Waddenzee, om ongehinderd naar de Sargassozee te zwemmen. De minister van LNV heeft dit probleem ook onderkend in haar recente brief van maart 2019 aan de Europese Commissie.
  2. Alle knelpunten voor intrek van glasaal moeten passeerbaar worden gemaakt door de waterschappen en Rijkswaterstaat, zodat veel meer glasalen onze rivieren, plassen en poldersloten kunnen bereiken. En omgekeerd: schieralen moeten niet op weg naar zee worden verhakseld in de talloze gemalen in ons land. Sinds 2000 is pas één-derde van de ca. 2700 aalknelpunten in Nederland opgelost, en er moet zeker nog veel gebeuren!
  3. De smokkel van glasaal moet worden gestopt. Interpol schat de smokkel naar Azië op 100 ton glasaal met een waarde van 3 miljard euro! Omgerekend is dat 1000 dollar voor één kg glasaal (ca. 3000 glasaaltjes per kg). Er wordt maar liefst 70% méér glasaal gesmokkeld dan het legale Franse quotum van 60 ton glasaal. Volgens de Sustainable Eel Group is die illegale 100 ton een kwart van alle glasaaltjes die de kusten van Europa bereiken.

Aalherstel in lokale wateren werkt pas echt goed als Europa-breed maatregelen worden genomen. Nederland moet daarom in de EU aandacht blijven vragen voor aalherstel. Want een merkbaar effect op de lokale palingstand krijgt de 40% doelstelling uit het Aalherstelplan helaas pas als alle landen in Europa meedoen. Tot die tijd is het uitzetten van glasaaltjes en later terugvangen zoals in De Wieden, waarschijnlijk toch vooral een – klein – steuntje in de rug voor de paling.


3 Comments

  • Willem Dekker

    9 juli 2019

    Bij Stroink is er sinds 1953 een aal-val, waarin jonge intrekkende aal gevangen werd, die de dijk overgezet werd, voorbij het gemaal.

    Reply
  • Hans Middendorp

    6 juli 2019

    Je kunt ook redeneren dat alle schieraal op de Wieden is opgegroeid uit uitgezette glasaal. Dat betekent dan eenvoudig dat 40% van alle gevangen schieraal moet worden uitgezet. En liefst in één keer over de Afsluitdijk zetten.

    En ja, intrek van glasaal en uittrek van schieraal moet ook worden verbeterd. Zou Natuurmonumenten willen bijdragen in de kosten van het aanpassen van de gemalen?

    Volgens mij is er sinds 2015 een vispassage bij gemaal Stoïnk. Ik weet niet hoe goed die vispassage functioneert. Lees: https://www.waterschappen.nl/vispassage-vollenhove-groot-succes/

    Reply
  • Christien Absil

    5 juli 2019

    Kunnen schieralen nu wel of niet ongehinderd uittrekken uit de Wieden? Ik had begrepen dat dat niet kan (en dus inderdaad het gebied als kweekvijver wordt gebruikt). Het lijkt me dat die uittrekmogelijkheden allereerst verbeterd moeten worden. Dan kun je daarna nog kijken of er ook nog wat gevist mag worden.

    Reply

Geef een reactie